Posts tonen met het label OM. Alle posts tonen
Posts tonen met het label OM. Alle posts tonen

dinsdag 9 juni 2015

Goed geland


Door: Monique de Groot, directeur Schadefonds Geweldsmisdrijven

Mijn vierde week bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven al weer. De tijd gaat snel. Op 11 mei jongstleden wandelde ik daar als directeur binnen. Inmiddels ben ik een hoop (eerste) indrukken wijzer en tegelijkertijd heb ik het gevoel dat ik er nog veel zal opdoen. Wàt een diverse organisatie, wàt een betrokken medewerkers en commissieleden! Het voelde al na enkele dagen als ‘thuis’. En dat wil wat zeggen voor iemand die de laatste 25 jaar op het ministerie van Veiligheid en Justitie werkzaam is geweest. Op heel verschillende plekken binnen dat ministerie overigens, maar toch heel anders dan het Rijswijkse. Ik werd vanuit alle kanten zeer warm welkom geheten.

Nina Huygen, die de laatste vier jaar leiding heeft gegeven aan het Schadefonds, heeft een mooie en professioneel werkende organisatie achtergelaten. Dat geeft mij de ruimte om zowel de organisatie als de partners waarmee we samenwerken nader te leren kennen. Om de ontwikkelingen op het terrein van het slachtofferbeleid en de relatie daarvan met onze organisatie te bezien. En van daaruit te beoordelen op welk terrein nog verandering en verbetering kan plaatsvinden.
Mijn eerste weken staan daarom vooral in het teken van kennismaking. Met de medewerkers van het Schadefonds en het werk dat zij doen: het bieden van een financiële tegemoetkoming aan slachtoffers van geweldsmisdrijven met ernstig psychisch of fysiek letsel tot gevolg en op die wijze het onrecht erkennen dat hen is aangedaan. En waar de medewerkers bij het beoordelen van de aanvragen tegen aanlopen. Zoals bij veel organisaties betreft dat momenteel de invoering van een nieuw ICT systeem waarin de aanvragen van slachtoffers voortaan papierloos worden behandeld. Dat moet leiden tot een snellere en meer efficiënte afhandeling van de verzoeken en dus - samen met het recent ingevoerde all-in beleid en de meer burgergerichte werkwijze - tot een betere dienstverlening aan slachtoffers. Werken met een nieuw ICT systeem gaat niet vanzelf en vereist naast aanpassing van de bits en de bytes ook aanpassing van de medewerkers en werkafspraken. Daar zitten we nu volop in.
Dat nieuwe systeem is voorwaarde voor een gezonde toekomst van het Schadefonds. Een toekomst waarin we wellicht ook andere regelingen kunnen uitvoeren, zoals nu met de regelingen voor seksueel misbruik in jeugdzorginstellingen en pleeggezinnen. Een toekomst ook waarin we tijd- en plaatsonafhankelijk gaan werken. Ons nieuwe werken gaat gepaard met de verhuizing van de organisatie naar Den Haag in april 2016. Dan trekken we in bij de Raad voor de rechtspraak aan de Hoge Nieuwstraat. Het is een uitdaging om te verhuizen met ongeveer 80 medewerkers terwijl de dienstverlening aan de slachtoffers gewoon doorgaat.

Een belangrijke inhoudelijke opdracht zie ik in het verbeteren van de bekendheid van het Schadefonds voor slachtoffers . De dienstverlening die wij bieden wordt gewaardeerd, zo blijkt uit wat wij horen, maar vaak wordt daarbij opgemerkt dat het lang duurde voordat men wist dat we bestonden en wat we te bieden hebben. Daar moet wat aan gebeuren en daar zal ik mij de komende periode op richten. Om zowel bij het bredere publiek als bij ‘doorverwijzers’ als politie, Slachtofferhulp Nederland en Openbaar Ministerie meer bekendheid te geven aan wie wij zijn en wat we kunnen betekenen. Ik zal daarbij ook inzetten op andere mogelijke doorverwijzers, zoals de Jeugdzorg en gemeenten. U ziet mij binnenkort langskomen!

www.schadefonds.nl

vrijdag 25 juli 2014

Luisteren naar slachtoffers

Door: Nina Huygen, Directeur Schadefonds Geweldsmisdrijven

Het Schadefonds Geweldsmisdrijven is er om erkenning te geven voor het onrecht dat slachtoffers met ernstig letsel is aangedaan. Dat doet het Schadefonds in de vorm van een financiële bijdrage en sinds kort ook door de manier van werken. Ons werk bestaat uit het nemen van een besluit in een juridische context. Voorheen was dat een schriftelijk proces, geschreven in juristentaal. Dat hebben we de afgelopen twee jaar veranderd naar: persoonlijk, informeel en oplossingsgericht. We schrijven in gewone taal en we bellen met aanvragers. We vragen daarbij naar hun belangen bij de aanvraag en we leggen uit wat ze van ons kunnen verwachten. En uiteindelijk lichten we ons besluit ook toe. De belangen, en daarmee vaak ook emoties, komen nu dus ook aan bod. We beslissen en we luisteren.

Uit een klanttevredenheidsonderzoek, waar onlangs twee rechtenstudenten op afstudeerden, blijkt klip en klaar dat onze nieuwe manier van werken bijdraagt aan de ervaren erkenning.
Slachtoffers zijn uiteraard meer tevreden wanneer zij wel geld krijgen dan wanneer zij dat niet krijgen. Maar die tevredenheid zit hem niet alleen in het geld. Bij een positieve beslissing wordt de beslissing gewaardeerd met een 7,5 maar de tevredenheid over het Schadefonds in zijn geheel wordt gewaardeerd met een 7,9. Erkenning zit hem dus niet alleen in de tegemoetkoming zelf, maar ook in de manier van werken. Dat blijkt ook uit het onderzoek: significant meer procedurele rechtvaardigheid, minder boosheid en bedroefdheid, meer erkenning en meer tevredenheid met de nieuwe manier van werken ten opzichte van de vroegere werkwijze.

En dat sluit weer aan bij de volgende bevinding van het onderzoek. Gevraagd naar welke aspecten respondenten belangrijk vinden bij het doen van een aanvraag, scoren 'erkend worden als slachtoffer' (4.45 op een schaal van 5) en 'een rechtvaardigheidsgevoel krijgen' (4.40) het hoogst. En pas daarna 'een financiële uitkering krijgen' (3.75).

Onze nieuwe werkwijze, die wij burgergericht werken noemen, draagt bij aan het aanvaarden van de uitkomst, ook als de aanvraag wordt afgewezen. Onze medewerkers krijgen die feedback rechtstreeks nu zij bellen met aanvragers. Dat is niet altijd makkelijk, soms zijn dat heftige gesprekken. Maar ze horen ook de waardering en krijgen dan terug: 'Ik ben teleurgesteld over de uitkomst, maar ik begrijp het besluit wel'; 'U heeft er goed naar gekeken, ik voel mij serieus genomen' en: 'Bedankt dat u naar me heeft willen luisteren, dat betekende veel voor me'.

Andere organisaties die ook rechtstreeks met slachtoffers te maken hebben - zoals politie, Openbaar Ministerie en rechterlijke macht - kunnen van deze ervaringen leren. Ook zij kunnen bijdragen aan erkenning van slachtoffers door hun manier van werken.

De belangrijkste aanbeveling uit het onderzoek was: meer naamsbekendheid. Meerdere respondenten waren blij met het bestaan van het Schadefonds maar gaven aan pas laat op de hoogte van het bestaan ervan te zijn geraakt. En dat vonden ze jammer. Daar moeten we wat mee. Hierbij roep ik een ieder op die slachtoffers van geweld met ernstig letsel kent of ermee werkt, te wijzen op het Schadefonds Geweldsmisdrijven. Bekijk onze film ‘Het belang van het Schadefonds voor slachtoffers van geweld’. Stuur hem door, zet op Facebook, Twitter enzovoorts. Zodat slachtoffers ons weten te vinden. Slachtoffers die hen voor zijn gegaan vragen er zelf om. Laten we naar ze luisteren.

www.schadefonds.nl


woensdag 23 oktober 2013

Genoegdoening in Haren: over creatieve oplossingen en de symbolische waarde daarvan


Door: Nina Huygen, Directeur Schadefonds Geweldsmisdrijven

Op 21 september 2012 werd er in een Gronings plaatsje een “feestje” aangekondigd onder de titel ‘Project X Haren’. Duizenden jongeren kwamen erop af. Het liep uit de hand.
Naast een enorme ravage bleef ook het gevoel over: ‘Dit moeten we toch niet pikken?!’ Inderdaad, dat pikt de overheid ook niet langer! Over een creatieve oplossing die de rekening daar legt waar die hoort en gedupeerden echt helpt. Niet alleen materieel, maar ook symbolisch van groot belang
.

Want waarom moeten burgers opdraaien voor schade die door andere burgers is veroorzaakt? Natuurlijk, het OM kan de daders vervolgen en doet dat ook. Maar met een gevangenisstraf hebben gedupeerden hun schade nog niet vergoed. En dat voelt niet goed. Daarom werd een nieuw middel aan het vervolgingsarsenaal van het OM toegevoegd. Naar aanleiding van deze rellen is het Schadefonds Geweldsmisdrijven door het OM Groningen gevraagd of zij een speciaal op te richten fonds voor de slachtoffers wil beheren. Het Schadefonds voert de regeling nu uit. En die blijkt meer succes te hebben dan van tevoren was ingeschat.

De aanloop
Na de rellen vorderde het OM voor het eerst in oktober 2012 voor de politierechter enkele meerderjarige daders om een geldbedrag van €500,- in het Schadefonds Geweldsmisdrijven te laten storten. Dat werd door de rechter afgewezen. Bij enkele minderjarige daders werd een storting van een geldbedrag van 250 euro gevorderd. Eind oktober dienden nog meer strafzaken, waarbij ook meerderjarige daders zijn veroordeeld tot betaling van een geldbedrag. Het OM stelde hoger beroep in tegen een van de uitspraken van de rechter. Het hof heeft bij arrest van 22 november 2012 de vordering van de bijzondere voorwaarde tot storting van een geldbedrag in het fonds toegewezen.

Vastgelegd in een regeling
Het ministerie van Veiligheid en Justitie heeft naar aanleiding van deze rellen een regeling gemaakt, waarbij veroordeelde daders bij wijze van bijzondere voorwaarde een geldbedrag in een fonds moeten storten. De regeling is bedoeld om een gebaar te maken: daders van openlijk geweld betalen voor hun vernielingen. Als het fonds niet was opgericht, dan hadden de slachtoffers niets ontvangen.
Het geld dat in het fonds wordt gestort komt ten goede aan de slachtoffers die een beroep doen op de regeling. De hoogte van het bedrag dat gedupeerden krijgen is afhankelijk van het totale bedrag dat daders hebben gestort in het fonds en het aantal gedupeerden dat een aanvraag indient.
Voorheen moest er een causaal verband zijn tussen de schade van slachtoffers en concrete daders. Dat is vaak lastig aan te tonen. Nu hoeft dat niet meer. Waar slachtoffers voorheen bleven zitten met de kosten, krijgen ze nu (een deel) ervan betaald uit deze ‘dader-pot’.

Het Schadefonds Geweldsmisdrijven, dat al 37 jaar lang ervaring heeft met het uitkeren van geld aan slachtoffers, voert deze regeling uit. De Regeling tegemoetkoming schade openlijk geweld is 27 februari gepubliceerd in de Staatscourant en is zo ontworpen dat deze ook bruikbaar is voor vergelijkbare toekomstige incidenten.

Resultaten voor gedupeerden Haren
Gedupeerden in Haren konden tot 15 april een aanvraag indienen.

Donderdag 21 maart heeft het Schadefonds informatiebijeenkomsten gegeven aan gedupeerden van de rellen in Haren. Tijdens deze bijeenkomsten is verteld waarom de Regeling tegemoetkoming schade openlijk geweld tot stand is gekomen, wie er voor de regeling in aanmerking komen en hoe gedupeerden een aanvraag kunnen indienen.
Het blijkt dat verzekeringsmaatschappijen al veel schade hebben vergoed en een deel van de slachtoffers heeft geen behoefte aan een tegemoetkoming omdat zij beperkte schade hebben. De aanwezige slachtoffers waardeerden de persoonlijke benadering van het Schadefonds.
Gedupeerden die een aanvraag indienen krijgen allemaal eenzelfde tegemoetkoming. Deze bestaat uit de som van het totaal door daders betaalde bedrag, gedeeld door het aantal mensen dat een aanvraag heeft ingediend bij het Schadefonds. De uitkering is alleen nooit hoger dan de werkelijk geleden schade.
Het Schadefonds Geweldsmisdrijven heeft 23 aanvragen ontvangen van gedupeerden van de rellen in Haren. 18 daarvan kwamen in aanmerking voor de regeling. De 5 aanvragen die niet gehonoreerd werden betrof bedrijven (2), terwijl de regeling is bedoeld voor particulieren of ZZP-ers, of de schade was al volledig vergoed (2). Een iemand diende een aanvraag in voor rellen ergens anders in het land dan Haren.
Bij elkaar claimden de 18 gedupeerden een bedrag van €17.000, - Op 1 oktober zat er maar liefst 14.200 euro in de pot. Dat betekent dat een het merendeel van de mensen hun volledige schade vergoed krijgt. En een klein deel heeft in ieder geval een forse tegemoetkoming in de schade. In een aantal zaken van verdachten van de rellen loopt nog hoger beroep. Het geld dat nog extra in de pot komt, zal worden verdeeld onder de slachtoffers die nog een restbedrag hebben open staan.

Opbrengst en vervolg
Op basis van de ervaring met de regeling zoals toegepast bij ‘Project X Haren’ zeg ik: een mooi resultaat. In de eerste plaats natuurlijk voor de gedupeerden. Ook al zijn het er niet veel, de symbolische waarde strekt verder dan die 18 mensen. Maar daarnaast en vooral ook voor de hele samenleving. De regeling laat zien dat daders de consequentie van hun ‘feestelijke’ gedrag zelf mogen dragen en daarmee bijdragen aan genoegdoening voor slachtoffers. Wat ons betreft, mag deze regeling vaker worden toegepast.

www.schadefonds.nl