Posts tonen met het label kinderen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kinderen. Alle posts tonen

dinsdag 1 maart 2016

Beschermheilige

Door: Carol van Nijnatten, lid Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven

Seksueel misbruik van kwetsbare mensen blijft niet beperkt tot de Nederlandse jeugdzorg. Mondiaal wordt een op de vijf vrouwen verkracht of op andere wijze seksueel misbruikt (Rode Kruis). Verkrachting is een oorlogswapen.  Volgens Denis Mukwege die dit jaar bijna de Nobelprijs voor de Vrede kreeg, zijn de massale verkrachtingen van vrouwen en kinderen een wapen in de onderlinge strijd van Congolese strijdgroepen. In niet mis te verstane woorden laat hij op internationale podia zijn afschuw blijken over deze mensonterende praktijken. Mukwege is gynaecoloog en heeft in Congo een ziekenhuis (Panzi) opgericht, waar hij slachtoffers van seksueel geweld opereert. In de afgelopen vijftien jaar heeft hij al meer dan 40.000 hersteloperaties uitgevoerd. 
Kinderen ontspringen de dans niet. Volgens War Child zijn wereldwijd 30 miljoen oorlogskinderen slachtoffer van seksueel misbruik. 30 Miljoen! Maar niet alleen in oorlogssituaties. In oktober werden in India twee 17-jarige jongens gearresteerd nadat zij een meisje van 2 ½ jaar in de trein hadden verkracht. Mukwege jongste patiënte was zes maanden oud!

Het blijft niet bij violeren (een term die het gewelddadige en ontheiligende karakter van verkrachting  onderstreept), het gaat ook om bruut geweld tegen de vrouwelijke en kinderlijke sekse. De sekse wordt letterlijk kapot geschoten. Mukwege probeert te redden wat er te redden valt.
De gebeurtenissen in Congo roepen herinneringen op aan de roman ‘Heart of Darkness’ van Joseph Conrad.  De hoofdpersoon Marlow  vaart stroomopwaarts naar de donkere binnenlanden van de Congo waar de wetten van de jungle gelden en niet die van de menselijke beschaving. De bootreis is zo ook een reis naar de zwarte diepte van de menselijke geest.  Als het individu niet door de sociale omgeving in toom wordt gehouden, kan hij zich tot een monster ontwikkelen. Mutwege noemt de massale verkrachtingen een uiting van wetteloosheid. Het is een dieptepunt in de verhouding tussen de seksen en de generaties. Het gaat de verkrachters om de meest kwetsbaren en daarom is het geen specifieke vrouwenkwestie is, maar een van menselijkheid. Mukwege: “Mannen hebben de verantwoordelijkheid hieraan een einde te maken”
In 2012 ontsnapte Mukwege ternauwernood aan een moordaanslag. Zijn lijfwacht werd gedood. Hij verbleef enkele maanden in België maar keerde terug op verzoek van de vrouwen die door hen waren geholpen.

Mukwege is dus  een held. Is hij ook een heilige die wij kunnen aanroepen een einde te maken aan dit onrecht?  Op die vraag zou hij minzaam ‘nee’ knikken. Wat zou een dergelijke  verering immers veranderen aan het lot van de misbruikten? De Nobelprijs kan hem gestolen worden. Het komt erop aan de situatie van de slachtoffers in Congo en elders te veranderen.  “Elke dag moet je jezelf afvragen wat heb ik voor iemand anders gedaan. Dan besef je beter dat  niet alles om jou draait”.

De beschermheilige Mukwege predikt geen aanbidding maar initiatief. Niet alleen in Congo maar overal ter wereld en dus ook in onze Nederlandse jeugdzorg.

www.schadefonds.nl

donderdag 21 januari 2016

Waarom ik het doe; leed verzachten

Door: Ludo Goossens,Voorzitter Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven

Er was een jonge, volkomen geïntegreerde Marokkaanse familie. De vader kwam in de jaren 70 als gastarbeider naar Nederland. Hij werkte zich krom. De moeder en kinderen kwamen later voor gezinshereniging. Het waren gewone, nette en constructieve mensen. De dochters, midden twintig, misschien 30 jaar nu, waren hoog opgeleid. Een zoon zat een beetje aan de rand van de samenleving, maar hij was geen crimineel.

Die zoon werd doodgeschoten omdat hij voor een ander werd aangezien. Een executie in het criminele milieu, maar helaas was een verkeerde man vermoord. In eerste instantie wees het Schadefonds Geweldsmisdrijven de aanvraag voor een financiële tegemoetkoming aan de nabestaanden af omdat bij de dode jongen op straat drugs werden aangetroffen. Eerst bestond het vermoeden dat hij dealde.

Toen de nabestaanden bezwaar maakten tegen de beslissing van het Schadefonds, werd verder gezocht. Ook het politieonderzoek vorderde intussen. Meer en meer ontstond de overtuiging dat er sprake was van een persoonsverwisseling. Wat zag ik: gebroken ouders, die voor het eerst na de dood van de zoon, meekwamen naar het kantoor van het Schadefonds. Zij konden niet vertellen over hun zoon, die op straat was vermoord. Twee sterke dochters, die wel konden vertellen over hun broer en hun huilende vader en moeder.

Ter voorbereiding op de behandeling van het bezwaar had het Schadefonds intussen in een intensief contact met de politie boven water gehaald dat er vrijwel zeker sprake was van een persoonsverwisseling. Nieuwe situatie: kapot gezin, gebroken ouders, sterke dochters in een gesprek over een zoon die dood op straat lag , slachtoffer van een liquidatie die niet voor hem bedoeld was. Het bezwaar van de nabestaanden was gegrond. Zij kregen een financiële tegemoetkoming van het Schadefonds.

Dat gesprek, die erkenning, het verzachten van het leed, een beetje, het geven van hoop, een beetje, dat vergeet ik nooit meer en daar doen wij het voor. Dit gebroken gezin heeft geen fijne feestdagen gehad, maar ik hoop volgend jaar toch weer een beetje beter, mede dankzij de erkenning die wij als Schadefonds namens ons allen - als samenleving - hebben kunnen geven.

In mijn volgende blog ga ik weer in op de grote ontwikkelingen bij het Schadefonds. Na dit verhaal is dat niet passend, hier past even stilte.

www.schadefonds.nl

dinsdag 6 mei 2014

Ongeloof

Door: Carol van Nijnatten, Lid Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven

Na bijna veertig jaar werk in en met de kinderbescherming kan ik nog steeds niet wennen aan het geweld dat kinderen dagelijks ondergaan. Mijn promotieonderzoek betrof  rapportages van de Raad voor de Kinderbescherming. Ik spitte voor dat onderzoek zo’n 150 dikke dossiers door. Ze vertelden de dramatische geschiedenissen van gebroken gezinnen uit, vooral maar niet alleen, de onderste klassen van de samenleving. Geen geld, geen baan, geen toekomst  en geen zelfbeheersing. Wel een aaneenschakeling van teleurstelling, drank en geweld. Kinderen waren het slachtoffer van  slaag, verlating, exploitatie, seksueel misbruik en nog meer slaag. Ook in latere (dossier)onderzoeken hield het geweld aan. Waren gezinnen echt zo onveilig?
Eind jaren tachtig toonde Nel Draijer aan dat ruim een op de zeven vrouwen een of meerdere keren door familieleden was misbruikt. Ik kon het eigenlijk niet geloven. Dat kon toch gewoon niet waar zijn. Was het nu echt nodig dat er in Mexicostad tijdens spitsuren speciale metro’s reden waar alleen vrouwen in werden toegelaten?
Waren mannen echt zo …?
Toen ik begin deze eeuw steeds vaker las dat seksueel misbruik van kinderen ook baby’s en peuters betrof en dat recentelijk nog eens werd bevestigd door het strafrechtelijk onderzoek naar het misbruik door Robert M, dacht ik ‘dat moeten toch fabeltjes zijn’. Wie wil er nu met een kind, een peuter …?

Sinds een klein jaar ben ik lid van de Raadkamer Statuut, dat is een afdeling van het Schadefonds die beslist of slachtoffers van seksueel misbruik in de jeugdzorg in aanmerking komen voor een financiële vergoeding door de jeugdzorginstelling.
Nu lees en hoor ik de verhalen van de slachtoffers zelf. Hoe zij, vaak jarenlang, seksueel geweld moesten ondergaan, hoe zij het aan niemand konden of durfden te vertellen, hoe ze aan hun lot waren overgelaten.
Soms vertellen ze hun verhaal met schroom en schaamte, soms kunnen ze het alleen vertellen door de mond van een vertrouwenspersoon. Hun verhalen zijn geloofwaardig. Ik geloof ze. Maar zouden jeugdzorgwerkers nu echt …?


Dat blijf ik ongelooflijk vinden.

www.schadefonds.nl